16-02-08

Sarah = ik = jij?

“Sarah ?“

Het schijnt dat dit mijn naam is. Soms lijkt mij die naam zo bevreemdend. Alsof Sarah iemand anders is. Nee, het gaat wel degelijk over mij. Past die naam eigenlijk bij me? Ben ik een echte Sarah? Geen idee… Ik zoek soms wel eens naar een andere naam die al dan niet beter bij me zou passen. Maar ik moet toch toegeven dat ik er nog geen enkele heb gevonden. Elke naam klinkt nog vreemder dan ‘Sarah’.

“Sarah, haal je eens wat melk?”

“Sarah, kom je mee dansen?”

“Sarah, weet jij hoe dat moet in Word?”

“Sarah, ik heb zin in pizza!”

“Sarah, nog een pintje?”

Gek, ik ben Sarah. Voor mij ben ik gewoon ‘ik’. Da’s nog gekker. Stel ik schrijf een brief. Dan staat heel de brief vol met ‘ik’ plus meestal dan ergens een werkwoord en wat aanhangsel. Tenzij ik natuurlijk niet over mezelf schrijf. Maar dan nog, toch onderteken ik elke brief met Sarah en niet met ik. Misschien komt dat omdat er nog andere ikken zijn. Jij bent ook een ik. Grappig toch. Jij bent een ik, ik ben een ik en degene die daar rechts voor je zit, dat is ook een ik. Die meneer naast je ’s morgens in de trein, dat is ook ‘ik’. En alle andere mensen in die trein en op straat en op café en overal… allemaal ‘ik’.

 

“Slaap je al?” Ik geef geen antwoord, mijn lijf slaapt al. Het slaagt er bijgevolg ook niet in om een ‘ja’  - of is het een ‘nee’? -  over mijn gesloten lippen te krijgen. Mijn ogen willen ook al niet meer mee, maar mijn hand nog wel. Ik reik naar waar de vraag vandaan komt. Iets koud, een stripboek. Mmm, iets warm. Ik voel een neus, lippen en zachte kaakjes om in te knijpen. Hier ligt nog een ik. Iemand anders dan mij. Dus niet ik, maar toch ook ik.

Ik in het meervoud.

Ik en ik.

ik is jij.

Jij en ik zijn wij.

15:14 Gepost door zaza in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

08-01-08

look-a-like

Heb je die ooit al gezien? De look-a-like? Het is echt 'verschietigachtig', zou mijn grootmoeder zeggen. Dat doe ik dan ook elke keer, verschieten.
Ik kom 't bureau binnen, ik verschiet. Ik kijk op van mijn blad en ik verschiet. Ik hoor haar praten en lachen, niks aan de hand, maar als ik haar blik beantwoord... verschiet ik weer even. Dit is onaards en vooral zeer onwezenlijk, ik moet nu al alle kleuren van de regenboog hebben uitgeslaan (hopelijk niet letterlijk). Hoe kan iemand nu toch zo hard op iemand anders lijken? "Zeker dat zij het niet is?" Ik twijfel elke keer weer gedurende een fractie van een seconde.

Ze is het...

niet

Echt niet te vatten, zulk een gelijke onsteltenis en toch ongelijk... want ze heeft een andere naam en haar stem klinkt anders, minder accent, ze woont in Brussel (120 km van haar evenbeeld vandaan), is nauwelijks één keer op een bal geweest (stel u voor) en heeft productdesign gedaan (ook al lopen hier wel degelijk twéé landschapsarchitecten rond)... Freaky! "Zo mooi zo blond en zo..."  Wie zou dat kunnen zijn?

Het enige visuele aan haar dat mij overtuigt dat zij haar look-a-like niet is, is haar gestalte: als ze voor me staat kijk ik recht in haar grote ogen. 15 cm, het enige verschil. Morgen geloof ik waarschijnlijk niet meer wat ik vandaag denk, maar tot dan zal ik mij toch weer elke keer heel even, een seconde, of twee, en nog drie hondersten langer, afvragen

Wie heeft dit verzonnen?

21:35 Gepost door zaza in Algemeen | Permalink | Commentaren (6) |  Facebook |

05-12-07

Tijd (ah tijd)

Vanhernaardèrderhotserdebolderdetoetsiedehoetsie. Zot wordt een mens ervan. Waar is al mijn tijd gebleven? Ze is helemaal zoek geraakt. Ik durf zelfs wedden dat moesten God en klein Pierke tijd bijverzinnen, ik er nog te weinig zou hebben. En zeggen dat ik een dik jaar geleden met al mijn vrije tijd geen blijf wist…

 

Ik was nog maar een paar maanden afgestudeerd en bijgevolg ook nog maar net beginnen werken. Ik was het leven van een student gewoon: altijd wel wat te doen – lessen volgen, excursies over ’t ganse land (en verder), groepswerk à volonté, thesissen schrijven (meervoud jawel), ’s avonds op stap met de vrienden – fuifjes, filmpjes, flirtjes … En als ik dan nog tijd over had: studeren.

Maar daar was plots een einde aan gekomen. Mijn weekends waren ineens vrij: ik moest mij niet meer schuldig voelen dat ik niet achter mijn boeken zat. Mijn weken waren zo mogelijk nog vrijer. Daar waar ik vroeger van 9 tot middernacht zat te schrijven aan een thesis, mocht ik nu om 17u huiswaarts keren, meer zelfs, mijn werk bleef waar het was. Het blééf gewoon waar het was: werk, thuis, thuis, werk, werk, thuis, … en thuis, ja thuis, was ik volledig vrij te doen wat ik zelf wou.

 

Ik ben meermaals de muren van mijn toen vreselijk kleine studio opgelopen van verveling. Tijd! Ongelooflijk… en soms kroop die echt voorbij. ’t Was er al zovéél en dan nog zo traag…

 

Ik wist duidelijk niet wat aan te vangen met mijn nieuwe leven. Het alleen-en-veel-te-klein-wonen heb ik vrij snel gelaten voor wat het is. Mijn vrijheid ben ik op zijn tijd beginnen vullen. Ze werd voller en voller en voller en slonk en slonk en slonk.

 

Alles wat ik nu doe, doe ik enorm graag, te graag, want ik kan niet kiezen: ik wil dansen, op z’n Afrikaans (zot zijn doet geen zeer), maar nog liefst op de Vlaamse folk. Ik wil muziek leren luisteren en wie weet ooit nog wel spelen ook. Ik wil tekenen, want talenten gooi je zomaar niet weg. Ik wil schrijven en ik wil zingen – maar wees gerust dat doe ik wel onder de douche. Ik wil koken voor wat lekkers en ik wil tijd vinden voor mijn vrienden en – nog belangrijker – voor mijn familie. Ik wil hopen boeken lezen en massa’s films zien. Ze staan netjes op een rij in het rek en aardig gepresenteerd in de studio’s. En dan rest er me nog mijn huishouden, mijn kamer die zichzelf maar niet wil opruimen, mijn sollicitatiebrieven en dito examens, mijn kat en mezelve – want die zou ik zo voorbij lopen. Ongetwijfeld ben ik nog honderdduuzend dingen vergeten, maar je ziet me wel al staan he? Mijn armen wijd gespreid, mijn handen opgehouden naar boven gevuld met alles waar de tijd in bijt.

 

Maar eigenlijk is er maar één ding dat ik wil: stante pede alle tijdbijters laten vallen uit mijn handjes en die laatste vervolgens weer zachtjes vullen

met tijd voor hem…

21:03 Gepost door zaza in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

18-11-07

Met de trein naar Oostende

« De trein is altijd een beetje reizen. » Zo luidde de slogan van de NMBS enkele jaren geleden. Af en toe hoorde ik wel eens iemand lacherig doen om die slogan, vooral dan zij die elke dag tevergeefs probeerden om op tijd op het werk te geraken met het vehikel. Ik van mijn kant heb echter altijd gevonden dat hij klopt.. als een bus (die slogan dan, niet de trein, dat zou een beetje dom zijn).

 

‘k Zit op de trein naar Oostende. 53 minuten lang. Nee, dan ben ik nog niet in Oostende, da’s waar. Dan ben ik thuis, want ik kom van Hasselt. Thuis is Leuven. Ooit was thuis elders. Dan moest ik nog wat verder, tot in Brussel, vervolgens tot in Halle en dan moest ik nog even op die bus van daarnet. Jaren geleden was het noorden van Limburg ook mijn ‘thuis’, Neerpelt om precies te zijn, alwaar mijn prins op het witte paard woonde (al was het lang geen prins, laat staan één met een paard). Fervente treinliefhebbers weten wat Noord-Limburg betekent voor een reiziger: van Leuven naar Antwerpen en van Antwerpen helemaal terug naar Limburg (Hoe absurd! Wie bedenkt het? Ik woon echt in een apenland…) en Neerpelt… Neerpelt is de aller aller allerlaatste halte.

 

2u 12 minuten.

 

Wel die afstand heeft me geen seconde gedeerd. Ik hield van die rit. Het was een beetje reizen en mijn lief was mijn bestemming. Ik telde af: Herentals. De trein treuzelt graag in Herentals. Even doortrekken. De naaldbossen van de Limburgse Kempen passeren me. Lommel, we komen dichter. Overpelt. Warm! Het treinsignaal van de bareel weerklinkt. We gaan de laatste bocht in. Buiten is het al donker. Binnen licht. Ik plak mijn gezicht tegen het raam, want anders zie ik niets dan mijn spiegelbeeld. De parking van het station schuift voorbij. Staat er een Opel? We rijden het station in. Eindstation. De trein loopt leeg…

Dream on! Nu dacht je toch niet dat mijn lief op het perron zou staan (per ongeluk). Nee, de romanticus in hem was ver zoek. Geen armen die me opvingen. Alleen de winterkoude die samen met mij langszij het station op een Opel stond te wachten. (De laatste rit naar Neerpelt wist ik dan ook dat het de laatste was)

 

Nog 24 minuten treinen naar Leuven. Niet zo lang geleden reed ik door naar Oostende met deze trein. Ik was wederom op weg naar iemand. 1u 38 minuten en met de minuut die verstreek werd ik gelukkiger. Vanaf Gent stroomden vleugjes warmte door mijn lijf. In Brugge verscheen er een glimlach op mijn gezicht die ik er niet meer afkreeg. Oostende, de aller aller allerlaatste halte. We rijden het station in. Eindstation, de trein loopt leeg... Ik ga het perron op. Het perron is lang (als je achteraan de trein zit). Ik begin te lopen en weet wat te hopen…

 

Zachte lange blonde haren,

een paar guitige ogen

en een glimlach van geluk

sluit ik een paar seconden later

in mijn armen.

 

Ik ben thuis.

 

    

Gelukkige verjaardag meid. Geniet er van met je vuistjes toe.

02:48 Gepost door zaza in Algemeen | Permalink | Commentaren (3) |  Facebook |

15-11-07

IN het filmfestival

Ik zou jullie de bewuste mail niet willen onthouden. Zoals ik gisteren al aankondigde: geen censuur in mijn teksten. Dus vergeef me de ellenlange zinnen en de honderdduizend komma’s en veel te weinig punten. Maar geen censuur, want geen punten wil zeggen nauwelijks rust: lezen in één adem. Het had wel degelijk een oorzaak: ik kwam van de dansles en dan is rust niet aan mij besteedt, ook niet in de vorm van punten achter mijn zinnen. Leve de komma’s!
oh en euh, mijn lieve danslespartners: ik zie jullie heel graag!!!

Maandag 12 november 2007

13:44
A: Dag Ladies, ik mail even voor de boonanza-avond.. We kunnen misschien woensdag 21/11 afspreken of vrijdag 23/11?

Boonanza, weet ge wel da’s dat spel waar iedereen door elkaar roept (vooral niet op je eigen beurt) of iemand misschien wel “een kidneyboon wil ruilen tegen twee cacaobonen”, “ik heb een chilli-boon, iemand een chilliboon?” “Neenee, ik kan niks doen met een chiliboon. Geef mij een bruine boon, of nee liever twee!” ‘Ik wil die chiliboon wel! Als gij mij die kidneyboon geeft.” Kunt ge het u al inbeelden? Zo vijf meiden bij elkaar. Neem het van mij aan (zeker als u een man bent), daar wilt ge niet bij zijn! (tenzij uw naam Pierre of Joeri is)

16:34
(P)E: Voor mij zijn die dagen goed!

21:31
Z: ik kan den 23e ni dan zit ik met Nele in filmfestival, den 21e normaal gezien wel. ma, di en donderdag ook ni. alleen woensdag 21 dus die week.

21:51
C: 'In' een filmfestival... Hoe doe je dat? :-)

22:36
Z: awel: ge begint met uw gat te heffen van uwe zetel, dan rept ge u naar de keuken want uw maag gromt en ge zou 't dus iets moeten vinden om die te stillen, vervolgens springt ge een paar keer op en neer en doet ge ne grand écart, kwestie van uw benen los te gooien, want we gaan een sprintje trekken, ge zet u in start positie en terwijl commandeert ge uw huisgenoten, twee doodbrave gasten van ondertussen al 29 (ge bedenkt ondertussen dat ge dringend hunne verjaardagskado eens moet overhandigen, maar ge denkt ach ik ben al te laat met hunnen verjaardag, ze verwachten geen kadookes meer, ik zal het nog wel wat uitstellen) wànt we staan namelijk in start positie om een sprintje te trekken dus en we gingen ons euh mijn huisgenoten dus commanderen om de beide deuren open te zetten, want anders loop ik mij te pletter bij dat sprintje dat ik van plan ben te trekken. waar gaat dat sprintje dan heen vraagt ge u af? want we moeten dus ergens ín geraken, in een filmfestival nog wel, meer zelfs, 't is een holebifilmfestival (amaai chance dat ik hier gene man ben of we zouden rap uitgepraat zijn...) goe ik ging een sprintje trekken, probleem is, dat als we beide deuren tegelijk open zetten dat ons Nelleke dan misschien wel mee naar buiten sprint en dat is niet de bedoeling. goe, ik sprint, steven doet de eerste deur open, ik sprint verder, ondertussen doet steven die deur toe, en dan doet alexander de voordeur open en ik sta buiten... euhm buiten da's dus nog niet binnen, laat staan ergens ín... oké ma dat sprintje was dus feitelijk wel bedoeld om mij naar Nele te reppen, want aan de haastigheid van mijn 'hongerstillen' had ge het mss al gemerkt, ik ben een beetje niptekes, mss zelfs bekan te laat. sprinten dus. want met ne goeien aanloop is het volgens mij makkelijker om ergens ín te geraken... Bon ik zen ondertussen aangekomen op tiensepoort, alwaar één bruine krullenbol woont en weet ge wa, die heeft ne tandem da komt goe uit want dan zijn we daar dubbel zo rap. trappe trappe trappe, stoempe stoempe stoempe, recht studio 4 binnen. ah we zijn ergens binnen da's al iets. we komen in de buurt. maar hoe er nu ín? simpel, sprintje getrokken, tandem doorgetrokken, wij zijn dus doodop, warme rode zetel in zicht ge zet u dus schrap, gaat efkes door uw knieën laat uw hoofdje zakken, laat alles los (denk er anders een saxofoon bij, dan gaat het beter), je voelt je een bolletje en dan strek je terug je benen en je voeten komen vaneigens van de grond en liften heel je lijf al rollend de rode warme stoel in, aangekomen in die kussens nestelt ge u in de meest comfortabele houding die je maar kan vinden, da's voor iedereen anders, voor mij is dat schoenen uit, benen intrekken, poep naar achter, hoofdje opzij en dan en dan... dan kan je helemaal verdrinken... verdrinken in een verhaal... verdrinken in een film... verdrinken... in...in ... het filmfestival...

't is kwestie van nadien wel weer boven water te komen, maar daarvoor heb je nog twee uur uitstel eerst... en daar gaan we toch wel eerst van genieten... in het filmfestival

:-)


(niet op mij letten, de dansles was enigzins saai, die mannen kunnen echt niet dansen, en na die twee minuten dat Leen dan met mij komt dansen, blijf ik verweesd achter want dat was veel te zalig en dan moet ik terug naar die mannen die de basispas nog niet eens kunnen, tilt slaan als ze ook maar één variatie moeten uitproberen van Leen en dan derbovenop nog beginnen praten ook (versieren eigenlijk, maar daar sta ik niet op te wachten bij een man van 50), i.p.v. eens naar de muziek te luisteren en te horen dat de eerste tel van de mazurka eigenlijk al drie tellen geleden gepasseerd is en zij nog altijd niet weten waar te beginnen... grrr... zelfs Leen haar gezicht stond af en toe op een zucht.. en geen van ons twee was in form, moemoemoe, dus niet veel afgelachen vandaag... volgende keer beter :-))

22:04 Gepost door zaza in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

14-11-07

zaza schrijft

zaza schrijft. en zaza schrijft al lang. Wist je dat nog niet? wel, dan weet je het nu! Ik schrijf al sinds mijn 13 jaar, weet ik nog heel goed. Ik zat in het eerste middelbaar en was het eigenlijk helemaal zat om de ene poëziealbum na de andere te vullen met tekeningen van klasgenootjes die op niets trokken en van mama en papa (die uiteraard wél op iets trokken). Ik had besloten om die poëziealbums nu eens helemaal en volledig voor mezelf te houden en te vullen met: tekst, woorden, onzin enfin. Herkenbaar? ja tuurlijk, ieder meisje is ooit wel eens begonnen aan een dagboek, misschien is dat zelfs het geval bij één van mijn stoere vrienden. Kunnen we ooit eens een poll over organiseren (kan dat niet op deze oh zo handige website? nee? dringend invoeren! ja? super, eerste poll is bedacht!). Het verschil met de meeste van jullie zal wel zijn dat ik bléef schrijven. Die dagboekjes waren veel te klein en met Kerst kreeg ik dan wel een nieuwe maar tegen mijn verjaardag was die alweer vol gekliederd met spannende meisjesverhalen. Die boekjes werden al gauw te duur en een aantal van papa's schriften gingen eraan, maar die vond ik dan niet mooi genoeg. mijn schriften verdienden een harde kaft, dat stond sjieker. De woorden stapelden zich op, vol van liefde, vrolijkheid, verdriet en onsteltenis, beladen woorden van de puber die ik ooit geweest ben.

Tijdens mijn studies hebben die schriften geregeld maanden aan de kant gelegen. schrijven was stom en vooral ik dacht dat ik door te schrijven de dingen 'erger' maakte. ik vond dat ik teveel nadacht over alles en nog wat, dus stopte ik met schrijven, want dan zou ik ook niet zoveel nadenken en zou het leven simpeler zijn. Jeugdige naïviteit, niet waar?

Ondertussen ben ik ergens achter gekomen: ik kan schrijven... meer zelfs, ik heb ontdekt dat ik ook 'anders' kan schrijven. hoe zal ik het zeggen... het overkomt me af en toe - en hoe meer ik meemaak, hoe meer het me overkomt - dat er plots iets op papier staat dat ik zelf 'schoon' vind. Ik lees het dan opnieuw, en opnieuw, en opnieuw... zonder iets te veranderen want het beste schrijfsel staat er altijd in ene keer op heb ik gemerkt... en elke keer ik het lees sta ik verstomd van mijn eigen. ik kan schrijven...

mama gaat nog gelijk krijgen

Ik heb nog maar zelden iets laten lezen aan iemand. 't is de dagboekcultuur snap je. Behalve aan één iemand. Gedurende ongeveer een jaartje schreef ik alles wat ik mooi vond neer (ook trieste dingen kunnen mooi zijn) en gaf het haar. zonder woorden wist ik dat ze er verzot op was. Wellicht is dat nog altijd zo, wie zal het zeggen. Maar één ding stond vast: ik genoot ervan om voor íemand te schrijven.

Nu, zonder er veel erg in te hebben schreef ik voorbije maandag een mail naar enkele van mijn beste vriendinnekes, stiekem noemen we onszelf al het 'heilige vijftal' (altijd wel leuk om jezelf op een geoorloofde manier een beetje op een voetstuk te plaatsen, 't is toch ook zó gezellig samen), een mail in ware columnstijl. en dat heb ik niet zelf verzonnen dat laatste, want ons Pels beweerde dat ik als een volwaardige 'sex-in-the-city'-madam maar een nieuwe job als columnist moest gaan zoeken. toerisme en beleid overboord riep Cees erachteraan. (owla powla, dat weet ik nog zo niet). maar columns... hey waarom niet!

Houdt u vast (aan de takken van de bomen), want hier komen ze:

de zaza columns!

 

17:10 Gepost door zaza in Algemeen | Permalink | Commentaren (4) |  Facebook |